Afdrukken

De Moezel, wijninformatie

 

De Moezel, wijninformatie

Hier onder een korte opsomming van de wijnen die u in de Moezel kunt aantreffen. Behalve de verschillende smaakrichtingen spelen ook de verschillende kwaliteitsklassen een belangrijke rol. 

Tafelwijn wordt tot de laagste categorie gerekend. Een criterium voor de Duitse tafelwijn is dat deze uitsluitend van druiven van geregistreerde domeinen en druivenrassen gemaakt mag worden. Versnijden van de wijn is toegestaan. Aan de most mag voor de gisting suiker of geconcentreerde most worden toegevoegd. De wijn moet uiteindelijk een totaal van 8,5 vol. tot 15% vol. hebben.

De landwijn is een wat betere tafelwijn. Deze wijn mag niet worden versneden en chaptalisatie (verrijking) is slechts met suiker toegestaan. 
Op het etiket moet bij landwijn, die altijd droog of halfdroog is, altijd de herkomst van de druiven staan. Het natuurlijke alcoholgehalte moet tenminste 0,5% hoger zijn dan bij een vergelijkbare tafelwijn. 

De kwaliteitswijnen van bepaalde aanbouwgebieden, waartoe het grootste deel van de Duitse wijnen behoort, moeten uit een van de Duits aanbouwgebieden stammen. Het natuurlijke minimumalcoholgehalte hangt af van de druivensoort en het aanbouwgebied. Verrijking (chaptalisatie) is toegestaan zolang daarbij niet meer dan 20 tot 28 g extra alcohol ontstaat. 
Kwaliteitswijnen worden door de staat gecontroleerd en krijgen een keuringsnummer die op het etiket moet staan.

Voor Prädikatswijn gelden de strengste voorschriften. Er zijn zes verschillende predicaten, telkens met verschillende minimum mostgewichten:

ruiken aan_Botrytis

Kabinet:
De wijn wordt van druiven met weinig alcohol gemaakt. Ze zijn subtiel en licht.

Spätlese:
Zoals de naam al zegt, worden de druiven voor de Spätlese iets later geplukt. Hiervan worden rijpe, elegante wijnen met subtiel fruit gemaakt. 

Auslese:
Voor de Auslese worden alleen maar druiven gebruikt die echt rijp zijn. Alle anderen worden "ausgelesen" (gekrent, uitgezocht). Dit zijn edele wijnen van volrijpe druiven.

Beerenauslese:
De druiven van de Beerenauslese zijn overrijp met edele rotting. De wijn hiervan is vol en fruitig.

Trockenbeerenauslese:
De zoete, honingachtige smaak komt van de verschrompelde druiven met edele rotting.                                                                                            

Eiswein:
De druiven hebben een zelfde minimum mostgewicht als een Beerenauslese. Het verschil is dat ze bevroren bij -7°C geplukt en in bevroren toestand geperst worden.

Bij een Prädikatswein is chaptalisatie (verrijking met suiker) niet toegestaan.